18.4.10

Zes

Arme Nona. Ze heeft het er af en toe maar moeilijk mee. Zes zijn is niet eenvoudig en groot word je niet zomaar.
Je wilt al zoveel maar kunt nog niet alles, je bedenkt allerlei leuke plannetjes maar je ouders werken niet mee. Nooit mag je eens snoepen vlak voor het eten, of de hele dag spongebob kijken, je speelgoed laten slingeren, treuzelen, pindakaas op de poes smeren, met twee vingers tegelijk in je neus peuteren, noem maar op. All work and no play, kort gezegd.
Wie zou er niet spuugzat van worden en zijn ongenoegen kenbaar willen maken door af en toe een hele dag lang o-ver-al ontzettend moeilijk over te doen? Punt is, die dag valt traditioneel altijd op zaterdag als alle ouders beschikbaar zijn voor het broodnodige gesteggel. En dat bevalt toch minder goed. Vandaag was het weer zo'n dag. Prachtig weer, een hoop leuks te doen en toch drie chagrijnige tronies tijdens het avondeten, wat erg jammer was, want het smaakte zeer goed en voor het eerst dit jaar in het warme avondzonnetje buiten. Na het eten wilde ik De Draak dan ook zo snel mogelijk haar bed in hebben, maar eerst mocht ze nog met wat playmobil in bad, want dat wou ze zo graag. Vooruit dan maar. Resistance is futile. Liever iets later en gelukkig naar bed dan weer zo'n vermoeiend dispuut met dikke tranen.
Na een tijdje ging ik bij haar kijken en toen trof ik haar in deze scène aan:


Als eerste zag ik het meest rechter figuurtje dat er wat ongelukkig bij leek te staan. Toen zag ik dat de tweede er precies zo bij stond en pas daarna viel me de line-up langs de badrand op, en dat Nona bij alle mensjes de rechterarm 'onklaar' had gemaakt. Net zoals het bij haarzelf is, eigenlijk. Stonden daar vijf Nona's op die badrand? Nona zelf maakte mij niet wijzer. "Leuk hè?" zei ze monter, toen ik haar ernaar vroeg. "Ik vond dat gewoon leuk. Wil je met me spelen? Wie wil jij zijn?" Ik koos het rechter figuurtje. Die lijkt het meest op mij, namelijk. "Kan ik mijn rechterarm dan wel of niet gebruiken?" vroeg ik haar. "Die mag je gewoon gebruiken hoor", zei ze minzaam. "Welke kies jij?" vroeg ik. Zij koos het kind, de derde van rechts. "Kan het kindje haar arm dan gebruiken?" probeerde ik nog een keer. "Jij bent de oppas en ik ging met jou zwemmen." antwoordde ze. Het was duidelijk, het onderwerp was van de agenda. We speelden nog even samen en ruzieden daarna nog wat over treuzelen en tandenpoetsen enzo en daarna ging ze naar bed, Stefan ging mee om voor te lezen.
Ik ging naar de keuken, maar zette in plaats van de afwas te doen een cd op en dacht na over het rijtje ongelukkige playmobilfiguurtjes. Betekende het iets, en zoja; wát? Vragen we teveel van haar? Of is het gewoon een uiting van het groeiend besef van haar beperking? Moet ik er iets mee? Ze leek niet van slag. Of was dit wat haar de hele dag al dwars zat? En ging het wel alleen om vandaag? Eigenlijk ruziën we al weken over van alles en nog wat. Maarja, dat hoort er ook wel een beetje bij, natuurlijk.
Met op de achtergrond 'ons eigen' liedje (My Beloved Monster van Eels) piekerde ik over deze zaken, maar de conclusie bleef uit. Morgen maar iets minder streng zijn. Je bent maar een keer zes.

 



16.4.10

Een nieuwe lente, een nieuw begin

Het is zo fijn om weer lekker buiten te kunnen zijn. De tuin is elke dag een beetje groener. Je kunt de planten bijna horen groeien. 'S ochtends als het nog fris is, ga ik gauw in de badjas even kijken hoe de nieuwe aanwinsten de nacht zijn doorgekomen, in de middagpauze ga ik even luchten en een paar minuutjes genieten van de warme zonnestralen op mijn gezicht voordat ik mij weer terugtrek in mijn donkere 'werkhok'. Vlak voor het avondeten kruip ik nog gauw even in het zonnigste hoekje met een krantje en gisteravond heb ik zelfs nog de munt verpot bij het licht van de kaarsen in de nieuwe lantaarns!

Op de foto:
Mentha Spicata 'Nana', ofwel: echte Marokkaanse munt. Er hoort eigenlijk ook nog een knalblauw kevertje bij, de muntkever- ik verzin het niet-, maar die laat zich zo vroeg in het seizoen nog niet zien.
Je zou het niet zeggen als je de pas opgekomen miniblaadjes bekijkt, maar deze plant is een echte gigant en woekert schaamteloos als je hem zijn gang laat gaan. Op de kwekerij vertelde men mij dat hun hele voorraad is voortgekomen uit slechts een enkel takje met een sliertje wortel er nog aan. 'S zomers kunnen we er dan ook flink van plukken en zijn er inmiddels al vele kinderen van onze Nana onder vrienden en familie uitgedeeld.

Van deze munt trek je echt de allerlekkerste Marokkaanse muntthee.
Hierboven de allereerste tuinaanwinst van dit seizoen. Het viooltje. Hiernaast maken de vlijmscherpe stekels van de roos dubbel indruk.


 
De lucht kleurde vanavond extra rood door de Ijslandse aswolk die heel het vliegverkeer in Europa lam legde. Het leverde wel een mooi plaatje op!

11.4.10

Zei iemand...CHIPS?

Enige tijd geleden heb ik jullie hier deelgenoot gemaakt van mijn onvrede omtrent mijn ietwat toegenomen gewicht. Maar vervolgens beschreef ik mijn goede hoop dat ik wellicht wat zou afvallen als we eenmaal zouden gaan verbouwen.
Die hoop is inmiddels vervlogen.
We hebben namelijk besloten, als we toch eenmaal bezig zijn, de kruipruimte te isoleren.
Met ecoCHIPS.
Stefan heeft al voorzichtig geinformeerd naar de mogelijkheden voor het plaatsen van sloten op het luik van de kruipruimte. Anders blíjven we zakken bijbestellen.

Gelukkig krijg ik inmiddels weer wat meer lichaamsbeweging nu het tuinseizoen weer is begonnen. Vandaag was het prachtig weer en dus togen we met ons tuinverlanglijstje naar de kwekerij.
(Of, zoals Nona het noemt: de 'peterij '.)
Ik vond daar een prachtige clematis met de prozaïsche naam Jan Fopma.
Alleen al om die naam had deze plant al een plekje in onze tuin verdiend, maar helaas stond op ons verlanglijstje een plant die iets vroeger in het jaar bloeit, dus werd het de clematis alpina 'Willy'.
Ook wonderschoon, niet?

Maar de leukste ontdekking was nog wel die van de wonderplant Stevia Rebaudiana ofwel 'honingplant'.
Blaadjes van dit kruid worden in Zuid Amerika al eeuwen gebruikt als zoetstof. In Nederland is het echter lange tijd omstreden geweest, terwijl in bijvoorbeeld Japan, maar ook in Frankrijk de werkzame stof al werd gebruikt door onder andere the Coca-Cola Company.
Vandaag vond ik de plant dan eindelijk bij de "gewone" peterij. Dus nu kan ik ook weer zonder schuldgevoelens genieten van heerlijk zoete thee.

Óf van een glaasje wijn met een schaaltje ecochips erbij. Dat kan natuurlijk ook.

                                                            Foto: Wikipedia

8.4.10

Kat in de pot

'T is sappelen in huize Ooit Weltevree, these days.
Komen we moe en hongerig thuis, vinden we de kat in de pot...

17.3.10

Star Trek in Langerak

In ons stadsblad lees ik opzienbarend nieuws, vanavond:
'Start verkoop 18 woningen in Langerak, Utrecht.' Staat er in dikke letters. Tot zover nog niets schokkends. Maar dan komt het:
'Sluitstuk van de wijk. Deze woningen worden gerealiseerd in een bestaande omgeving.'
Laat het even op je inwerken. Wonen in een bestaande omgeving. Dus niet op een holodeck of in, zeg, een wormgat. Wat ontzettend handig!
'Een groot voordeel hiervan is dat u nieuwbouw koopt, maar straks toch direct in een omgeving woont die al af is.'
Ja. Dat lijkt me een heel groot voordeel.
Zie je jezelf anders al verhuiskaarten sturen?
'Bij deze nodig ik je uit in onze nieuwe woning. Ik zou je een routebeschrijving willen toesturen, maar helaas is de omgeving nog niet helemaal af. Het is dus voorlopig nogal oppassen met het grote niets daaAAAAHHHRRGGGG....! '



15.3.10

Things that make you go: hmmm...

Ik kan jullie nu wel gaan vervelen met het hoe en waarom van mijn lange afwezigheid hier, maar dat wordt een saai en eentonig verhaal.
In de dagelijkse praktijk hol ik maar zo'n beetje achter mijn leven aan, virtueel blik en veger bij de hand om links en rechts de gevallen steken, scherven van de verschillende breuken en andere zooi weg te poetsen.
Wellicht dat een kleine fotoimpressie de lezer wat meer ondersteuning biedt in de beeldvorming.
Ik zal er steeds een kleine toelichting bij geven:

De aanvraag van de nieuwe rugzak van Nona.
En dat is dus niet een tas maar een budget dat de school van je kind ter beschikking gesteld krijgt teneinde er extra materialen en een remedial teacher e.d. voor je kind mee te bekostigen, mocht het dat nodig hebben. Dat wil zeggen: áls de aanvraag ingewilligd wordt. Vandaag leveren we de hele papierwinkel in waar we al vanaf januari  mee aan het redigeren zijn. Vanaf vandaag zijn we dus overgeleverd aan de meerdere goden van het Bureau Van De Indicatiestelling. Fingers crossed!
"En Gaston, wat mogen zij ontvangen? Wat zit er in die zak volgend jaar? Een ouwe kat of een riant budget? Houd deze mensen niet langer in spanning Gaston, zij hebben inmiddels bewezen heel goed te kunnen smeken en pietluttig te zijn over in te vullen formulieren. Ook hebben zij schaamteloos hun bloedeigen kind verloochend door het zwart op wit zetten van zware aantijgingen aan het adres van dit kind aangaande haar schoolprestaties. Wat dit betekent voor de rest van haar schoolcarriere kunnen zij op dit moment nog niet overzien, maar zij zijn ervoor gegaan Gaston! Zó graag willen zij deze hoofdprijs, deze knaller! Dát hebben zij ervoor over gehad, en wat is het waard, Gaston? Toch hopelijk wel die felbegeerde rugzak....!"

En over oude katten gesproken, soms neemt je poes vriendjes mee naar huis die je liever kwijt dan rijk bent:
Jazeker, hij ziet er schattig en als de onschuld zelve uit. Maar schijn bedriegt!
Ondertussen sproeit deze obese kater zonder zich te schamen met frivool wapperende staart de ganse tuin onder, gaat als we even niet opletten gewoon heerlijk op onze bank of in ons bed liggen, vreet onder het lijdzaam toeziend oog van zijn bangepoeperige gastheer diens overheerlijke schoteltje visbrokjes leeg, waarop die het sproeirondje nog eens dunnetjes overdoet in de hoop dat de ijle sprietsen die zijn schriele lijfje nog weten te produceren de zware geurvlaggen van zijn superieure rode broeder zullen overtreffen. Dat wordt weer heerlijk toeven in de tuin als strakjes het zonnetje er lekker warm op gaat schijnen...

Maar voorlopig schijnt het zonnetje nog helemaal niet zo lekker, je trekt nog graag even een vestje aan. Ik ook, en ik heb een favoriet; een oud, bruin wollen vest, met handige zakjes en een fijne kapuchon.
Correctie: ik hád een favoriet, maar hij is dood. De tand des tijds heeft dan eindelijk vat op hem gekregen en hij bleek te zijn geveld door een gat. Een groot zwart gat. (waar hier mijn lichte shirtje doorheen piept)
 Ik zou daar liever een wormhole, oftewel wormgat * van willen maken. (Hellellellów, all you Star Trek lovers!) Ik zou het vest uitdoen en door het wormgat glippen. In welke dimensie zou ik uitkomen? Een heel nieuw universum? Een stukje terug in de tijd? Dat zou rottig zijn; ik zou dan niet meer terug kunnen, want een stukje terug in de tijd bestond het wormgat nog niet. Verdulleme, dan maar wachten tot de tijd verstrijkt en intussen maar iets nuttigs gaan doen. Een leuke studie ofzo. Ondertussen maar hopen dat ik Stefan weer ergens tegen het lijf loop, zodat ik uiteindelijk wel gewoon weer hier in Nieuwegein uitkom met Nonaatje erbij.
Snotverjoppie, het slaat ineens in als een bom: door een wormgat kunnen glippen met alle wilde mogelijkheden van dien en dan tóch hopen dat je wel weer in je oude, saaie leventje terecht komt...

Moving on, de kwestie van de scherven.
Veel glasscherven afgelopen weken. Link, met kinderen. En balen ook, want het betrof onder andere de ruit van de deur naar de hal, die een heel mooi ruitmotiefje gegraveerd had.
Tegen de tocht hebben we er nu een schitterende plasticzakkenconstructie tegenaan geschilderstaped. (Let ook even op de narrige gezichtjes van de werkloze skeelers in de gang!)
Hoe het kwam: gewoon Trek. Ik zeg het je; het is al-tijd Trek. Én kinderen, die ook.
De voordeur en de achterdeur stonden namelijk tegen elkaar open. De achterdeur omdat Nona nog dringende dingen in de tuin te doen had, terwijl ik verwachte dat zij achter mij aanliep om de voordeur open te doen voor haar vriendinnetje dat daarachter stond te steigeren om te gaan spelen. Nona kwam echter niet achter mij aan en het vriendinnetje kwam niet binnen. Achter mij merkte ik dat de deur naar de gang met toenemende vaart aan het dichtvallen was. Vanwege de ontstane Trek. Ik had de keus: de voordeur loslaten teneinde de haldeur te redden, dan hadden we later het gezichtje van het vriendinnetje moeten laten reconstrueren door een plastisch chirurg, of de haldeur op te offeren om het gezichtje van het vriendinnetje te redden. Ik ben er trots op te kunnen zeggen dat, toen het erop aan kwam, ik toch de juiste keuze gemaakt heb. Maarja, die deur, he. Jammer, hoor.

Vanochtend nog meer scherven. Hoe lang ik heb staan jongleren weet ik niet meer (maar in mijn herinnering leek het wel drie kwartier te duren) maar uiteindelijk kwam de pot met koffie toch gewoon precies op het grote Duralexglas terecht. En je weet hoe het gaat met Duralexglazen: óf ze breken niet, óf ze gaan in een triljoen stukken. En uiteraard gebeurde dat laatste.









Nou, u snapt: met al deze dingen gaande, kwam het schrijven van een aardig blogje lelijk op de achtergrond.
(en dat geldt overigens ook voor het maken van scherpe foto's...)


*Ben je niet bekend met het fenomeen wormgaten en ging de wikipedia pagina je ook boven de pet? Stel je dan het volgende voor: je loopt in de Ikea en je neemt een 'korte route naar...' Die verkorte routes in de Ikea zijn eigenlijk ook een soort wormgaten. Deze Ikeawormgaten in de  brengen je in een flits van keukenland naar kinderland, bijvoorbeeld. Heb je het idee dat de tijd is gerekt? Dat het ineens half zes is, terwijl het voor je gevoel nog maar half twaalf zou moeten zijn? Heel wel mogelijk, mijn vriend. Dit verschijnsel wordt tijdsdilatatie genoemd. Maar veel mensen noemen het in de Ikea ook wel Treuzelen bij een Billyboekenkast.


Ha! Probeer maar eens niet aan wormgaten te denken, de volgende keer dat je in de Ikea bent! 
En dat terwijl het niet eens zeker is dat ze bestaan...


2.3.10

Over gewicht/macht

Woest met mijn heupen schuddend stond ik na de afwas -mijn roze huishoudhandschoenen had ik nog aan- voor Stefan, die mijn houterige verrichtingen met opgetrokken wenkbrauwen gadesloeg.
"Nou!", riep ik, "Dat vinden jullie (mannen) toch altijd heel hot en sexy als wij (vrouwen) ons zo bewegen?"
"Ik dacht er eigenlijk al aan de dokter te bellen", zei hij.
"Ach man, mijn body is gewoon te bootylicious voor you" zei ik, waarop hij reageerde met "uhuh", en daarna stonden we samen een poosje smakelijk te lachen.
In werkelijkheid zit er aan mijn body ongeveer een kilo of vijf too much booty, waar ik eigenlijk helemaal niet zo tevreden over ben. Maarja, zoals jullie hier al eerder hebben kunnen lezen, ben ik helaas geen sportieve vrouw. Lullige opmerkingen kan ik incasseren als de beste, maar zodra het begint te lijken op lichaamsbeweging ben ik genoodzaakt af te haken. De sportschool is een absolute no go area voor mij.
Van de winter heb ik echter, in een vlaag van noumoeterietsgebeurenitis, een paar inline skates gekocht.
Dat durfde ik toen best, want het sneeuwde zo belachelijk veel en vaak, dat ik al niet meer geloofde dat het ooit nog zou opknappen met het weer. En skaten kun je toch niet in de sneeuw: "Nou heb ik er toch alles aan gedaan, ik heb zelfs skates gekocht! Maarja, ik sta met de rug tegen de muur! Geen beginnen aan met die sneeuw en alles. Kóm, we nemen nog een beker warme chocolademelk. Slagroom erbij?"
Maar nu is het ineens heel mooi weer aan het worden. En de wegen zijn al weken brandschoon. De skates staan werkeloos in de gang en stralen een stil verwijt uit. Maar ik ga nog steeds niet skaten. Want dit weekend voorzag mijn vriendinnetje I. mij volstrekt onbedoeld van een nieuw smoesje. "Skaten?" Zei zij (en ik zag heus die blik van: "yeah right, jíj gaat skaten" wel). "Maar dat is toch heel gevaarlijk? Daar gebeuren heel veel ongelukken mee, hoor!"
Hmmm.
Ongelukken.
Dat moeten we natuurlijk niet hebben. Misschien kan ik beter eerst skateles nemen...
Googeldegoogel...
Ach, maar daar beginnen ze pas in mei mee. Da's nou pech hebben.
Tja.
Overmacht hè!


(Ing, je kent me langer dan vandaag...!)

26.2.10

Pictomania

Ik ben de laatste dagen bezig geweest met het zoeken naar:
Voor Nona, om haar te helpen haar eigen taken te leren plannen. Het lukt Nona namelijk niet om een taakje van begin tot eind zelfstandig te volbrengen. Niet dat we haar vragen om een drie-gangen-diner voor twintig gasten te organiseren, hoor. Of om een Griekse Island-hop vakantie voor te bereiden.
Het gaat om heel gewone dagelijkse dingen als: 
Ga naar de: 
Doe je:
uit.
 En trek je:                                                 
aan.
Dat lukt dus never nooit zonder dat ik er bovenop zit om een en ander in goede banen te leiden.

Of:     
 Leuk samen
 
en daarna het onvermijdelijke                         
Knappe kerel die het voor elkaar krijgt zonder tig keer herhalen.
Maar ook:
Stranden vaak omdat Nona halverwege al vergeten is, waar ze ook alweer mee bezig was.
Ik verwijt haar niks, want ze kan er echt niks aan doen en raakt er af en toe zelf ook heel gefrustreerd van.
Maar soms word ik er zo
  
van.
En bovendien heb ik zelf ook genoeg
Die dus ook blijven liggen. En het helpt ook niet dat ik ook niet bepaald een supergestructureerd type ben, waardoor ik mezelf ook nogal eens
 
Dus ik ben overstag. Ik ga het gewoon proberen met die pictogrammen.
Op een Belgische site kun je ze samen met een heel handig gratis programmaatje downloaden en meteen in categorieën indelen. Hartstikke prakties en je kunt het zo gek niet verzinnen of er is wel een pictogram van.
Zo had ik het idee dat ik deze:


heus nog wel eens ergens voor zou kunnen gebruiken.
En deze leek me ook onmisbaar:
En wat te denken van kleine conflictjes, bijvoorbeeld op school:
Toch fijn als je hem dan niet vergeten bent.
Of, in gevallen van ernstige verveling:
 
...scoubidou!
Of de Macarena:
Ja, ik zie het weer helemaal zitten met die picto's!

16.2.10

Ze zijn klaar!

Een paar weken geleden vroeg ik om jullie assistentie bij het bepalen van het leukste ontwerp voor de nieuwe schoenen van Nona. (klik!)
Nu ze klaar zijn wil ik jullie het resultaat natuurlijk niet onthouden!

Tatááá:


Ing, ik heb jouw ideetje ter harte genomen aangaande het Camper-twin principe, nog bedankt voor de tip!
Uiteindelijk heb ik dus toch nog een beetje zitten schuiven met het ontwerp, maar het resultaat mag er zijn. Paars met roze en zilver en dan ook nog je eigen tekening en initialen erop. Ik zou het zélf nog wel willen. 

Hysterisch? 
Ja, wel een beetje, eerlijk is eerlijk. Maar daar kom je goddank nog gewoon mee weg op je zesde.
(Alhoewel ik wel even op zoek ga naar iets minder roze veters denk ik. Zilvergrijze, bijvoorbeeld...)

Oja, de verantwoordelijke voor dit rappe schoengelap: George In der Maur, orthopedische schoentechniek te Groenekan.
(Neehoor, we hebben geen aandelen. We zijn gewoon heel blij met de medewerking van dit sympathieke bedrijf)

7.2.10

"Oerknal, oerknal" scanderen met een groene CDA-ballon in de hand

Deze week begon interessant toen de filosoof in Nona ontwaakte en zij mij begon te bestoken met existentiële vragen, waaronder het prangende: "waarom bestaat de aarde?" Ook viel het nodige af te vragen over hoe het nou ook al weer zit met je botten en de bloedsomloop enzo en toen ik mij daar stotterend en licht zwetend doorheen had weten te kletsen, zei ze: "maar nu weet ik nog altijd niet alles over hoe je hersenen werken!" Deze schier eindeloze zucht naar informatie vroeg om maatregelen; hier was extra ondersteuning nodig. Een Boek met Antwoorden.
Wij hadden vandaag dus een missie die, het laat zich raden, ons naar de dichtsbijzijnde boekhandel voerde waar we, onder andere, een pop-up boek vonden over het ontstaan van de aarde*. Op de eerste bladzijde van dit leuke boek bevindt zich een kunstig gevouwen oerknal, die bij het openslaan van de pagina zowat in je gezicht springt en die enorme indruk op onze jonge onderzoeker maakte.
Uiterst tevreden stapten we met onze aankopen naar buiten, waar we rechtstreeks in de fuik liepen van een stemmers wervende CDA'er, die mij door de wol geverfd en zonder een blik waardig te keuren straal voorbij liep om zich rechtstreeks tot mijn kind te wenden: "Wil jij wel een mooie kleurplaat?" Nou, dat wilde Nona natuurlijk wel. En die mooie groene ballon, daar zei ze ook geen nee tegen! Nona's dag kon niet meer stuk! Prachtige nieuwe boeken gekregen, twee kleurplaten en een ballon-op-een-stokje met CDA erop! CDA, geen idee wat dat is, maar de ballon was het einde! Vrolijk hoppend en zwaaiend met de ballon liep ze met ons mee. Ze was zo blij en tevreden dat ze er terplekke een bijpassend liedje bij besloot te verzinnen. En zo kwam het dat er vanmiddag een merkwaardig gezelschapje over de Oude gracht in Utrecht trok. Twee enigzins opgelaten volwassenen met in hun kielzog een klein, blij meisje met een stralend humeur en een grote, groene CDA-ballon dat uit volle borst;  "Oerknal, oerknal, dat is gewoon een oerknal" zong.
We zagen een paar lachende gezichten, maar ook een enkele zuurpruim die je bijna kon horen denken: "Pro-vo-cátie! Je reinste provocatie, en dát is het!"


* "Het begin van alles -de oerknal en wat erna kwam in 11 pop-up platen-" door Neil Layton. Uitgave van Winkler Prins.

28.1.10

Ons Panoramadak

Onze auto heeft een zogenaamd 'Panoramadak'. Dan zit er een raam waar bij normale auto's het dak zit. Daar hebben we ons, toen we de auto gingen uitzoeken, e-nórm op zitten verkneukelen. "Hij heeft een Pano-ráma-dak!" jubelden we tegen iedereen die het wilde horen en ook tegen degenen die er verder totaal geen boodschap aan hadden.
In het dagelijks leven vielen de voordelen van het hebben van Een Panoramadak echter nogal tegen. Op internet troffen we nog wel eens een welwillende Auto-Met-Panoramadak-Rijder die halstarrig bleef volhouden dat hij zoveel fitter was gebleven tijdens een lange autorit, wat volgens deze meneer geheel te danken was aan de optimale hoeveelheid licht die in de auto viel tijdens het rijden; allemaal vanwege Het Panoramadak. Wij deden Ons Panoramadak tijdens lange autoritten in de zomer eigenlijk nogal eens dicht, als de zon ons wat al te hinderlijk op de kruin bleef branden; de airco draaide overuren.
Een paar maanden na aanschaf moesten Stefan en ik aan elkaar toegeven: het heeft eigenlijk geen enkele toegevoegde waarde, zo'n Panoramadak. Het is geinig, maar meer ook niet. In de reclame zie je een stel beautiful people verheerlijkt naar de hemel zitten staren, maar zo is het in de praktijk dus niet, sorry. De waarheid is hard, mensen. En een botsing ook. Je kijkt dus tijdens het rijden in het algemeen gewoon vóór je. Naar de weg.
Achterin zittende kinderen hoeven dat natuurlijk helemaal niet te doen. (Tenzij de bestuurder een heel slechte chauffeur is en het een kind betreft met zeer groot verantwoordelijkheidsgevoel. Of een sterke overlevingsdrang.)
En het is dan ook met name voor deze categorie weggebruikers leuk om in een auto te zitten met Een Panoramadak. Want slechts dan heb je nog wel eens kans op zo'n interessante natuurbeleving zoals Nona die vandaag had. Door Het Panoramadak zag ze ineens iets wat ze anders gemist had:
"Whów, kijk daar! Een kudde vogels!"


27.1.10

Beetje jammer dat 'ie dood is.

Ik heb een beetje een vreemde tik; ik lees graag de "familieberichten" in de krant. Beter gezegd: de overlijdensadvertenties.
Waarom ik dat doe weet ik niet, maar ik moet er eerlijk bij zeggen; ik verdiep mij ook niet al te erg in het hoe en waarom van mijn morbide interesse. Ik heb wel een beetje een idee, natuurlijk. Het zal wel te maken hebben met een gevoel van opluchting: zij wel en ik gelukkig niet.
Ik lees de intieme berichtjes, hartekreten van mensen die ik niet ken, over mensen die ik net zo min ken. Soms pink ik er zelfs een traantje bij weg. Sommige mensen kunnen hun verdriet heel mooi verwoorden, of in een enkele zin hun dierbare overledene beschrijven op een manier die alles zegt.
Anderen hebben daar meer moeite mee.
Zo lees ik vandaag in een berichtje het volgende zinnetje:
"...werden we onaangenaam verrast door het overlijden van onze collega..."
Onaangenaam verrast?
Het zal ongetwijfeld niet de bedoeling zijn geweest, maar je hoort het ze zeggen, tijdens het weekoverleg op kantoor: "Snotver, issie dóód? Wat gaan we nou krijgen! Komt 'ie zeker ook niet meer zijn bureau leegmaken!"
Of deze:
"Dood ben je pas als ik je ben vergeten".
O, ik begrijp echt wel wat er voor liefs bedoeld wordt. Maar het klínkt gewoon een beetje controlfreakerig:  "Ja, je kunt nou wel denken dat je er vanaf bent, maar ik bepaal wanneer jij dood bent. Begrepen?"

Ik wil echt niet flauw doen over zo'n gevoelig onderwerp als dit, of mensen tegen mij in het harnas jagen. Ik snap ook wel dat niet iedereen even handig is met woorden. En dat je dan misschien wel heel blij bent met bijvoorbeeld zo'n kant en klaar tekstenboek van de begrafenisondernemer.
Maar persoonlijk heb ik liever dat, mocht ik ooit dood gaan, -het zal wel niet, maar je weet maar nooit-  men gewoon schrijft wat hij of zij denkt, in zijn of haar eigen woorden, hoe onhandig ook.
"Herma is dood. Jammer, hoor."


26.1.10

Hoofdpijn

Gisteravond:
Mijn schedel wordt geteisterd door een knallende koppijn en mijn maag kan maar niet beslissen wat er gebeuren moet: eten of omdraaien.
Een paracetamolletje nemen helpt niet veel meer. Twee ook niet. Het bonkt in mijn hoofd alsof een stel overijverige bouwvakkers met een heimachine de fundering beslist vandaag nog af moet krijgen.
Ik kon er niet van slapen. En dat werd niet beter toen ik merkte dat ik Stefan ook wakker hield met mijn gedraai. Dus ik besloot met mijn kussentje en de extra deken beneden op de bank te gaan liggen. Met de tv aan. Ik keek naar 'Frasier' tot ik te misselijk werd van die broer, Niles. Japie, onze poes, monsterde mijn lekker warme deken en kwam gezellig op mijn heup liggen.
Helaas lukt het een poes niet om in slaap te vallen zonder daar een uitgebreid wasritueel aan vooraf te laten gaan. Dus moest ik een half uur wachten voor ik eindelijk mijn ogen kon dicht doen. Want de combinatie licht schudden wegens wassende kat op heup en misselijk werkt niet -of juist heel goed-  in combinatie met dichte ogen.
Toen Japie al zijn kussentjes weer mooi zachtroze had gelikt en het mij was gelukt mijn maaginhoud binnen te houden ondanks de indringende whiskaslucht die daarbij uit zijn bekje walmde, kon ik eindelijk een poging doen om te gaan slapen. Maar toen bedacht hij dat hij bij nader inzien toch wel een beetje honger had waarop hij naar de keuken vertrok om wat te eten, terugkwam, zich eerst vergiste en per ongeluk op mijn gezicht sprong, vervolgens wiebelig en mét nagels via mijn schouders en ribben de route terug naar de heup vervolgde en het hele wasritueel weer van voren af aan begon. Het was duidelijk dat ik niet aan slapen ging toekomen als ik hem bij me liet liggen, dus sloot ik hem op in de voorkamer, waar hij mij luidruchtig probeerde duidelijk te maken dat hij het er niet mee eens was. Na een tijdlang knarsetandend naar het getergde miauwen te hebben geluisterd, viel ik in slaap en werd wakker van zijn volgende ontsnappingstactiek: proberen de deur open te krabben. Ik trok de dekens zo ver mogelijk over me heen in een poging het gekrab en het gemiauw buiten te sluiten, tot ik bedacht dat ik wel hem voorzien had van eten en een bakje water, maar dat ik de kattebak was vergeten. En nou moest 'ie natuurlijk poepen, zal je altijd zien!
Dit werd niks. Ik besloot om Japie uit de voorkamer te laten en zelf maar weer in mijn eigen bed te gaan liggen. Stefan was nu vast wel zo diep in slaap dat 'ie waarschijnlijk wel door mijn gerommel heen zou slapen.
Stiekem en zo zachtjes mogelijk sloop ik de kamer in om mij stilletjes in bed te laten schuiven. Dat was zo gemakkelijk nog niet, want in mijn hoofd werd nog steeds een grimmige oorlog gevoerd en en bovendien was ik een beetje duizelig wegens slaapgebrek. Vanuit het donker hoorde ik zuchten en wat gedraai. Argeloos en in halfslaap, maakte Stefan aanstalten om een warme arm om me heen te slaan, maar deinsde terug nadat ik hem als een verwilderde zenuwpatient had toegesnauwd: "Nee! Laat me los!"
Slapen wilde ik. Met helemaal niks bovenop, over me heen of aan me vast.
Twee uur later ging de wekker.
Vanochtend:
Ik word wakker, kreun en ik weet: er moet een kind naar school worden gebracht, gewerkt, boodschappen gedaan, kind van school gehaald, speelafspraakjes nakomen, die -en die bellen, het huis een beetje opruimen, e-mail beantwoorden, eten koken, schadeformulieren invullen (nee, niet onze schuld en we zijn er zelf ook niet bij beschadigd geraakt) etcetera. Zucht.
Ik hijs me uit bed en stommel naar beneden. Een blik op de ontbijttafel zegt me dat ik me die moeite kan besparen. Onder de douche, aankleden, alles op de automatische piloot. In de spiegel kijk ik niet.
Ik breng Nona naar school en kruip bij thuiskomst achter de computer met de warme deken over me heen. Rustig aan, dan breekt het lijntje niet. Okee, zo kom ik de dag wel door, denk ik.
's Middags neem ik toch maar weer wat paracetamol en ik merk dat het een beetje helpt. Het glas water durf ik leeg te drinken. Mijn maag rommelt, maar nu is het gewoon trek. We gaan eten en ik eet mee. Het is weer voorbij.

Hoofdpijn, ik heb er regelmatig last van. Ik heb zelfs herinneringen aan avondjes uit met een hoofdpijn-etiket: Noorderslag 199ennogwat; flinke hoofdpijn. Betty Serveert speelde, en ik kan nog steeds niet naar die band luisteren zonder aan mijn bonzende hoofd van toen te denken.
Een weekendje in het huis van vakantievierende ouders van vrienden, ook ergens in diezelfde periode. Er was een "ding" georganiseerd dat nogal wat spanningen teweegbracht onder het gezelschap; hoofdpijn met lichtvlekken in het gezichtsveld. (Ik heb ook nog levendige herinneringen aan de bamisoep die de volgende ochtend/middag op het menu stond...)  
Een avond toch uit ondanks schele hoofdpijn in een tent in de Peperstraat in Groningen. Een vage vent staat tegen mij aan te kletsen en ik hoor hem niet, maar verbeeld mij dat zijn woorden dansen op het ritme van het bonken in mijn hoofd, terwijl het zweet op mijn bovenlip staat. Hij zal op zijn beurt mij wel een vage griet hebben gevonden.
Ach, wat kan ik er verder van zeggen. Het hoort bij me. Je went eraan. Fijn is het niet, maar er zijn ergere dingen. Hordes cliche's. 
Maar er valt soms ook een leuk verhaal over te vertellen. 
Over een gekke vrouw. En een poes.


22.1.10

Roze billen

Omdat onze dochter gisteren weer aardig boven Jan leek te zijn gekomen, mocht ze vanochtend weer naar school. Wij moesten het eerst wel een beetje verkopen: "Ah joh, het is toch weer lekker om naar school te gaan, je hoeft maar een half dagje én het is speelgoedochtend en jullie gaan vast ook nog wel t.v. kijken!
(Vertaald: je moet naar school want dan kan je moeder ook even weer haar achterstallige zaakjes afwerken.)
Hoe dan ook, ze had zelf toch ook wel zin om te gaan en hees zich vanochtend opgewekt in de kleren.
Ook het nieuwe onderbroekje viel in de smaak: "Ah, een róze onderbroek. Dat komt goed uit, want mijn billen houden wel van roze!"

20.1.10

"De grilligheid van vrouwelijke wezens." More of that old sh■■.

De meisjes praatten met de meisjes, de jongens praatten met de jongens. Midge zat met gebogen hoofd te eten. Barbie merkte dat Ken en Bob zachtjes met elkaar fluisterden en af en toe hun kant op keken.
Na een poosje stond Ken op, rekte zich uit, sloeg de kruimels van zijn kleren en zei: 'Barbie, ik ga meneer Johnson even helpen met inpakken enzo. Heb je zin om mee te gaan?'
Barbie keek tersluiks even naar Midge en zei: 'natuurlijk Ken. Dan ruimen Bob en Midge hier wel even op.'
Midge keek haar verschrikt aan. 'Ja, maar Barbie waarom zou ik niet met jullie meegaan en...'
'Nee, Midge,' zei Barbie vastberaden, 'jij blijft hier...om eh... om op te ruimen enzo!'
'O, goed.' Midge kwam haastig overeind, raapte lepels en bekertjes op en zei: 'nou, dan zal ik deze maar eerst gaan afspoelen in de beek.'
'Ik zal je helpen,' zei Bob, die ook was opgestaan. 'O, dat hoeft niet,' mompelde Midge, die al onderweg was naar het water.
'Wacht nou!' riep Bob.
Midge draaide zich om en riep, achteruit lopend: 'ik ben zo terug. Ik eh... ik wil me nog een beetje opfrissen.'
'Toe nou, Midge! Wat heb je nou toch?' 'Oh, Bob, ik eh...'Wat Midge verder zeggen wilde, kwam er nooit uit. Haar voet bleef achter een steen haken, ze tuimelde achterover, ging bijna over de kop en kwam met een plons in het water terecht. Daar bleef ze in haar doorweekte kleren zitten en staarde met ogen, die onmiddelijk vol tranen stonden, de anderen die te hulp schoten, aan.
'Til haar op!'
'Nee, pak haar bij de arm!'
'Pas op, dadelijk val je er ook in!'
'Laat maar, Bob haalt haar er al uit!'
Zich schuddend als een boze natte poedel zat Midge eindelijk weer op het droge.
'Midge!' vroeg Barbie bezorgd, 'heb je je pijn gedaan?'
'N...nee,' kreunde Midge, 'ik vvvv..voel me alleen  zzz zzo belachelijk!'
'Kan ik iets doen?' vroeg Bob, die de held van de dag was. Blijkbaar niet, want zo gauw hij in de buurt kwam, barstte Midge weer in tranen uit.'Ggg... ga weg!' schreeuwde ze, 'laat me met rust!'
'Wat heb ik gedaan?' vroeg Bob stomverbaasd aan Ken.Ken haalde spottend zijn schouders op. 'Meisjes,' zei hij, 'zo zíjn ze.' Laat haar maar met rust tot ze er weer overheen is. Ik weet het ook niet.'
De jongens stapten langzaam weg, hoofdschuddend over de grilligheid van vrouwelijke wezens.

Uit: 'Barbie en Ken',

©Mattel, 1958. 


Nawoord van uw blogster:
Excuses voor het feit dat ik me zo gemakkelijk door een nieuw blogje zwijn.  Het is alleen dat.. nouja, ik heb hier zelf te maken met een boze poedel, eentje van zes, die al drie dagen zeer nadrukkelijk Ziek -met hoofdletter Z- ligt te zijn op de bank. Er wordt hier derhalve gezucht, gepiept en geklaagd, ogen vullen zich om de haverklap onmiddelijk met tranen en er wordt veelvuldig met hoofden geschud over de grilligheid van vrouwelijke wezens.
Voilà; bruggetje!