27.11.09

ons droomhuisje

Afgelopen weekend hebben we weer doorgebracht in het kleine kabouterhuisje in het bos. Ondanks, of misschien wel dankzij, storm en regen was het er weer heerlijk. 's Nachts doodstil en pikdonker.  Overdag het bos en twintig verschillende soorten vogeltjes in de bomen om je heen. Al jaren droom ik van zo'n fijn huisje voor onszelf. Wie weet, later. Als we groot zijn...

25.11.09

Boven Jan

Soms heb je dat. Een herfstdip. Ik roep altijd om het hardst dat ik de herfst zo'n práchtig, rijk seizoen vind, maar dan straft de herfst mij vanwege dit schaamteloze geslijm geheel terecht genadeloos af door buiten het licht uit te doen en de kraan open te zetten. En dan is het moeilijk volhouden, hè. Dat het zo heerlijk is, buiten. Bij ons is het zelfs zo dat de heerlijkheid van buiten ook naar binnen komt, want het lekt bij ons langs de daklichten zó de keuken in. Zich ondertussen aangediende klussen waar ik argeloos en blijmoedig 'ja' tegen had gezegd lagen me ineens driedubbelzwaar op de schouders. Ik werd door mijn werk uitgezonden naar een klusje in onze hoofdstad en bevond mij dagelijks uren knarsetandend in de file. De voorbereidingen van onze grootscheepse verbouwing kwamen, tot onze grote ergernis, op hun kont te liggen door allerlei onvoorziene factoren. Ik werd gebeld en negeerde de telefoon, zoals een dubieuze debiteur dat doet met zijn schuldeisers. Ik sleepte mezelf met enige moeite de week door om 's maandags na het weekend verbijsterd te ontdekken dat ik nog net zo moe was als op vrijdag. Rillend zat ik achter mijn computer; mensen die ik belde konden me slecht verstaan. "Soddy," verontschuldigde ik me, "ik bed eeh beedje vehkouduh." Anderen hoefde ik niks te vertellen: "Sjonge, je hebt het flink te pakken, hè?" Alles dat ik aanpakte leek te mislukken. Ik zat voor de t.v. en huilde keihard om een sentimentele b-film. En ondertussen blééf het maar regenen.
Maar vanochtend had ik ineens weer zin om aan de slag te gaan in plaats van naar mijn warme bed te verlangen. Ik ging aan het werk en ontving een e-mail; groen licht voor de verbouwing. Ik snoot voor de laatste keer mijn neus en maakte een paar klusjes af die ik nog had liggen. Dat het regende vond ik alleen maar knus. Ik ben weer boven Jan.

2.11.09

They're not pets, Susan

De verzameling vreemde, kleine figuurtjes in Nona's speelgoedkist neemt gestaag toe, omdat alles wat er uit elk verrassingsei ooit is gekomen bewaard moet worden en heeft de laatste tijd, sinds de Albert Heijn figuurtjes uit de Disneyfilm Sneeuwitje uitdeelt bij de boodschappen (Ontzettend fijn trouwens, die kinderterreur. Bedankt, Appie!), een ware vlucht genomen. Laatst stond ik die dingen eens te bekijken, ze liggen op zeer prominente plaats in de woonkamer uitgestald, en bedacht me dat het wellicht een leuk idee zou zijn om ze te laten figureren in kleine, uh...  scènetjes en ze dan te fotograferen.
Hoeft niet meer.
Gisteren zag ik in de boekwinkel een boekje, genaamd 'Little People In the City'  liggen. Een Londense kunstenaar fotografeert miniatuurfiguurtjes op straat in een setting die meestal uitermate humoristisch is, maar die ook een beetje schuurt. En het resultaat is zó briljant dat het me deed sidderen van nederigheid.
Nimmer zal ik hieraan kunnen tippen met mijn kiekjes. In plaats daarvan troost ik me maar met de gedachte dat ik blijkbaar toch een goed idee had en geniet des te meer van de fantastische kunst van Slinkachu. (want zo noemt 'ie zichzelf) Ik ben fan!